PROJECTEN - OUDERS

Recepten voor leerkrachten

(bron: vorming contextuele door Eddy Van De Steene)

Verwijs geregeld naar thuis in relatie met het kind.
Een kind kan in het begin erg onzeker zijn tav nieuwe opvoeders: Wat vinden ze ervan als ik mijn ouders belangrijk vind? Als het kind in zijn gedrag iets van die loyaliteit laat zien (vb. door heimwee, of vasthouden aan gewoonten van thuis, of opscheppen over thuis,  enz…) en dit wordt ook onderkend en erkend als een loyaliteitsuiting, dan wordt er een psychologische ruimte gecreëerd voor iets wat het kind dierbaar is, en kan het kind zicht vrijer gaan voelen om zich ook goed te voelen bij jou als leerkracht.

Actie, initiatief moet van jou als leerkracht komen.
Dit kan bijvoorbeeld door te vragen naar gewoontes thuis, waardering te geven aan de ouders.

Besef dat jouw relatie met het kind altijd ondergeschikt is aan die met de ouders. Jij bent een voorbijganger in het leven van het kind, wat uiteraard niet wil zeggen dat je niet een zeer belangrijke voorbijganger kan zijn. Het kind moet kunnen een goeie relatie ontwikkelen met jou als leerkracht, zonder dat de waarde van zijn ouders in het gedrang komt.

Ga nooit mee in kwaadheid van het kind tegen zijn ouders. Ga er ook niet tegenin. Het kind heeft recht op zijn kwaadheid, maar jij niet.

Vertel iets positiefs over de ouders aan het kind als je met hen hebt kennisgemaakt.
Zorg ervoor dat het kind op die manier ook beseft dat er overleg met zijn ouders is, zodat het kind kan zien dat beide partijen samenwerken, ook al is het bij dat overleg niet aanwezig geweest.

Denk in het belang van het kind én de ouders (triade), ipv in het belang van het kind (individueel).

Onderzoek of probleemgedrag van het kind kan te maken hebben met zijn loyaliteit naar thuis of met een loyaliteitsconflict van het kind tussen zijn ouders en de school of de leerkracht.

Als je een contact hebt met een kind en zijn ouders tezamen, wees dan extra alert om het kind niet in een conflict te brengen door in conflict te gaan met de ouders.
Als regels en afspraken in de school haaks staan op die van thuis: wees alert dat je eis om de regels na te leven geen veroordeling van de gang van zaken thuis inhoudt.

Zoek bij moeilijkheden rechtstreeks contact met de ouders, eventueel samen met iemand van het CLB of een andere begeleider binnen de school. “Onbekend maakt onbemind.”

Een goede samenwerkingsrelatie met ouders is maar mogelijk als ook het beleid van de school hier achter staat, en als de hele school daaraan meewerkt. Dat kun je niet als individu bewerkstelligen. Het beleid moet daarin een heldere taakafbakening van pedagogische en hulpverleningsmandaten ondersteunen en een goede samenwerkingsrelatie binnen de school mogelijk maken.

Bewaak je emotionele betrokkenheid bij je leerlingen. Te grote emotionele betrokkenheid kan de meerzijdige partijdigheid erg bemoeilijken. Als je voelt dat je te zeer betrokken geraakt, en daardoor niet meerzijdig partijdig, bespreek dat dan op je team en vraag hulp of supervisie.